`HET BEELD van het hele hexagram: vijf ononderbroken lijnen en één gebroken lijn. Deze staat op de vijfde plaats van het hexagram, in het centrum van het bovenste trigram. Dit is de centrale positie, die van autoriteit, van leiderschap en wordt nu dus ingenomen door een receptieve lijn. De hier voorgestelde gemeenschap kan tot bloei komen, omdat de leider bescheiden is en kan luisteren. Hij of zij is ontvankelijk en is gevoelig voor de wensen en de noden van de leden van de gemeenschap. De neiging om alle aandacht naar zichzelf toe te trekken ontbreekt - wat een verademing - en onder het motto dat wanneer alles goed georganiseerd is, je niets merkt van enige organisatie, lijkt alles als vanzelf te lopen. Doelde Lao Zi daarop, met de zinsnede ‘if nothing is done, nothing is left undone’?
Hoofdstuk 8. Eenheid laat een vergelijkbare situatie zien: een samenleving met één expliciete leidersrol. Hier zijn alle lijnen echter gespiegeld vergeleken met die van De Grote Oogst. Een ononderbroken, yanglijn op de centrale vijfde plaats wordt omringd door vijf volgzame yin-lijnen. Hier wordt een gemeenschap met een meer conventionele verdeling van rollen geschetst. Alle neuzen wijzen één kant op en de leider bepaalt welke.
Richard Wilhelm noemt hoofdstuk 14 ‘Het Bezit van het Grote’. In Alfred Huang’s vertaling heet het ‘Grote Oogst’ en in die van Deng Ming-Dao ‘Grote Bezittingen’. In een vorig artikel koos ik voor de naam ‘Een Grote Oogst’, in de context van dit artikel voor ‘Een Groot Bezit’. Het geheel wordt voorafgegaan door hoofdstuk 13. Gelijkgezinden. Een Groot Bezit wordt beschreven als het natuurlijke gevolg van een hecht verbond tussen mensen.
Het materiële deel ervan kwam in iedere periode in een andere vorm: volle graansilo’s, een goed gevulde schatkist, pakhuizen en beurzen, luilekkerland in de supermarkt, een uitpuilende koelkast, en winkels met spullen, veel mooie spullen. Steeds weer herhaalde de geschiedenis zich en tastte het grote bezit het oorspronkelijke verbond aan. Individuele rijkdom en de bijbehorende macht lonkten. De verleiding voor diegenen op ‘de vijfde positie’ om een gedeelte van de oogst zich toe te eigenen was meestal niet te weerstaan. Waarom zouden ze ook? Pak wat je kunt. Het aloude verhaal van de strijkstok, van landje-pik, van haves en have-nots en van het ontstaan van bezit, privilege en honger naar meer.
De samenleving van jagers en verzamelaars kende een collectieve inzet en een gelijke verdeling van de opbrengst. De stamleider was eerste onder gelijken, bindmiddel, aanwezig op de achtergrond, zodat alle leden in vrijheid initiatief konden nemen. Overschotten waren er niet - wat vandaag bijeengebracht was, was genoeg voor vandaag. Morgen is een volgende dag. En als er niets wordt opgeslagen, kan er ook niets geclaimd en ingepikt worden.
Pas toen de mens zich bond aan één locatie en het land ging bewerken, werd er zoveel geproduceerd, dat er voor morgen en overmorgen kon worden bewaard. Er ontstonden nederzettingen en later steden. De jager-verzamelaar was een alleskunner geweest, de mens in deze nieuwe samenleving had zich gespecialiseerd. Naast de boeren kwamen er handwerkers, handelaren, soldaten, schrijvers en bazen. Vanaf dat moment werd de geschiedenis geschreven in termen van eigendom, macht en verovering. De geschiedenis van de apenrots.
Kun je zomaar een rivier bezitten? Kun je een mijn je toe-eigenen? Kun je land claimen? Er een hek omheen zetten en het je eigendom noemen? Kun je kennis claimen en ideeën patenteren? Wie komt het verleden toe? En de vooruitgang? Ja, blijkbaar is dat allemaal mogelijk. Water en land, bossen en mijnen kun je claimen en tot je eigendom maken. Alles is te koop. Eens waren de commons, de gemene gronden, een gemeenschappelijk bezit. Sindsdien is het vergaren en vergroten van individueel bezit de graadmeter van succes en welvaart geworden.
How can you buy or sell the sky, the warmth of the land? The idea is strange to us. If we do not own the freshness of the air and sparkle of the water, how can you buy them? Every part of this earth is sacred to my people. Every shining pine needle, every sandy shore, every mist in the dark woods, every clearing and humming insect is holy in the memory and experience of my people. The sap which courses through the trees carries the memories of the red man. The white man’s dead forget the country of their birth when they go to walk among the stars. Our dead never forget this beautiful earth, for it is the mother of the red man.
We are part of the earth and it is part of us. The perfumed flowers are our sisters; the deer, the horse, the great eagle, these are our brothers. The rocky crests, the juices in the meadows, the body heat of the pony, and man--all belong to the same family. So, when the Great Chief in Washington sends word that he wishes to buy land, he asks much of us. The Great Chief sends word he will reserve us a place so that we can live comfortably to ourselves.
He will be our father and we will be his children. So we will consider your offer to buy our land. But it will not be easy. For this land is sacred to us.
This shining water that moves in the streams and rivers is not just water but the blood of our ancestors. If we sell you land, you must remember that it is sacred, and you must teach your children that it is sacred and that each ghostly reflection in the clear water of the lakes tells of events and memories in the life of my people.
The water’s murmur is the voice of my father’s father. The rivers are our brothers, they quench our thirst. The rivers carry our canoes, and feed our children. If we sell you our land, you must remember, and teach your children, that the rivers are our brothers, and yours, and you must henceforth give the rivers the kindness you would give any brother…
Fragment van een brief van Chief Seattle aan President Pierce, 1885
Niet al te lang geleden zat de belofte van het internet in de beschikbaarheid van kennis en communicatie voor iedereen. De digitale wereld werd echter opgeëist door de brutalen. Commons zoals Wikipedia zijn de witte raven, de immense digitale multinationals zijn de normaliteit.
In de hedendaagse democratie zijn de stemmen van de superrijken doorslaggevend. De miljardairs trekken aan de touwtjes. Nutsbedrijven werden geprivatiseerd. Water en energie, frisse lucht en tijd hebben allemaal een prijskaartje gekregen.
Over de enorme diversiteit van zaden van voedingsgewassen, een van de oudste en fundamenteelste erfgoederen van de mens, wordt nu beslist door een klein aantal biotech reuzen. Ze laten eigenschappen en afweerstoffen van plant, dier en micro-organisme patenteren. Het Grote Bezit behoort aan weinigen.
Of het mogelijk is dit te keren? Is het mogelijk dat de oogst, het Grote Bezit, weer ten goede komt aan de gemeenschap als geheel? Wie de geschiedenis kent, zal waarschijnlijk niet al te hoopvol zijn. Maar als we de tijd nemen om de menselijke geest beter te begrijpen - en meer zicht krijgen op hoe de imprint van voorbije ervaringen van overvloed en fundamenteel tekort ons handelen stuurt - als we hebzucht ontmaskeren als de compensatie van de angst dat er niet genoeg is - dan dagen er wellicht nieuwe mogelijkheden.
De ontvankelijke lijn op de vijfde plaats reflecteert de mentaliteit van diegene die de weelde wel kan dragen - de mentaliteit van een leider die zich niet laat corrumperen. Het is het leidende thema van het volgende hoofdstuk: 15. Bescheiden.
Een Groot Bezit, Da You. De Chinese karakters ‘da’ en ‘you’ zijn alledaags. Hun betekenis is respectievelijk ‘groot’ en ‘hebben’. In zijn commentaar op de I Ching belicht Alfred Huang de etymologie van ‘you’, en de onverwachte verschuiving van zijn betekenis.
There are two ideographs representing the name of this gua. The first ideograph looks like a person standing upright with arms and legs wide open. The ancient sages believed that Heaven and Earth and human beings were great. Thus, they employed the image of a human being to represent great. The second ideograph consists of two parts. The upper part suggests the image of a hand with three fingers open as in the act of grasping something. Underneath the hand is the ideograph of a moon. The whole image presents a picture of a hand in the act of grasping a moon. It is interesting that early on, you meant ‘not appropriate to possess.’ The ancient Chinese knew that during a lunar eclipse the moon was taken away and the world fell into darkness. In this context they created the ideograph of you, reflecting the transitory nature of possession, and taught people that it was not right to appropriate other’s possessions. Later on, people forgot about the instruction of the inappropriateness of possession and you came to simply mean ‘possess’.
The Complete I Ching - Alfred Huang
Kun je zomaar een rivier bezitten? Kun je een mijn je toe-eigenen? Kun je land claimen? Er een hek omheen zetten en het je eigendom noemen? Kun je kennis claimen en ideeën patenteren? Kun je de maan beetpakken?









