HET BEELD van twee trigrammen: onder Vuur, boven Hemel. De zon schijnt op de aarde en vanaf haar oppervlak stijgt warmte op. Deze thermiek voert waterdamp mee, die, als er genoeg hoogte is bereikt, condenseert en wolken vormt. De energie die hierbij vrijkomt, versterkt de stuwing verder.
Is er iets indrukwekkenders dan het zien van in slow motion uitdijende wolken? Saai? Niets bijzonders? Je kunt je een reis naar de bergen besparen, en gewoon thuis blijven. Kijk naar boven, imposante bergformaties drijven aan je voorbij. Aan het wolkenfront is geen dag hetzelfde. Verbaas je over bescheiden stapelwolken, de ‘cumulus humilis’. Of over de stapeling van een imposante ‘cumulus congestus’. En dan, aan het einde van een warme zomerdag, hoger dan een Himalayareus, de ontzagwekkende ‘cumulonimbus. Vuur onder, Hemel boven: het beeld van stijgende warme lucht, wolkenvorming, accumulatie.
Zouden mensen een ontwikkeld telepathisch vermogen hebben, dan was het gesproken woord overbodig. Zouden onze vaardigheden en cultuur aangeboren zijn, overgedragen in het bloed, zou het geschrevene geen bestaansrecht hebben. Het is anders gelopen. Contact tussen de ene en de andere menselijke geest heeft de verdichting van de taal nodig.
Keep reading with a 7-day free trial
Subscribe to ACHT IS MEER DAN DUIZEND to keep reading this post and get 7 days of free access to the full post archives.





