Alle lof voor het scherp geslepen keukenmes, maar vergeet toch vooral de snijplank niet. Een plat en vierhoekig stuk hout, een altaar voor de oogst van de aarde.
Vervolg van dag 6.
Een paar dagen geleden hielden we pauze bij een onopvallende paardenbloem, die na een paar koude wintermaanden door een voeg tussen de tegels van de binnenplaats de weg terug naar boven had weten te vinden. Symbool van terugkeer, maar welke? want terugkeren komt in soorten en maten. Die van de verloren zoon, de terugkeer naar normaliteit? Naar de oorsprong, of naar het vaderland, de vrijheid van weleer? Of een gevreesde terugkeer naar de donkere Middeleeuwen, of liever naar de nobele wildheid, of kindertijd?
De dobbelsteen rolt en het wordt een één.
De onderste, de eerste lijn, verandert van yang in yin.
Zes gebroken lijnen. Aarde onder, Aarde boven. De Terugkeer verandert in Respons. Dat laatste is de titel van een van de twee openingshoofdstukken van het boek. Een respons volgend op een initiëren. Een weerklank op een klank. En als de schepping inderdaad begon met een enkel woord, dan beschrijft hoofdstuk 2 het daaropvolgende antwoord.
Hoofdstuk 1 en 2 kunnen niet anders dan gelijktijdig worden gelezen. Het afgelopen jaar schreef ik tot drie keer over deze prelude van de I Ching en postte ik ze als Een Oneindige Film, De Navel van de Wereld en Lijnen en Pijlen. Ik kan me nog herinneren nogal tevreden te zijn over hun inhoud, maar na recente herlezing heb ik ze toch maar weer stilletjes gewist. Niet goed genoeg als sprankelende ouverture. De mogelijkheid om achteraf zinnen, zelfs hele hoofdstukken, te wissen binnen een digitale publicatie biedt uitkomst. Zou een en ander op papier zijn gedrukt en de wereld in zijn gezonden, dan was er geen terugkeer meer mogelijk geweest en zat ik voor altijd vast aan de middelmatige zinnen.
Zodra de drie stukjes wat zijn opgepoetst, zullen ze onder dezelfde titels, of misschien juist andere, weer verschijnen. Daarover later. Voor nu: Respons.


Het Respons-hexagram bestaat uit twee identieke bouwstenen, twee keer de Aarde. Twee keer een veld, een akker, een draagvlak, een ondergrond, een tafelblad, een dienblad, een snijplank.
In de keuken is de snijplank de representant van de aarde. Een kleine, vierzijdige, platte aarde. Het gebruik van de snijplank, haar vermogen om te dragen, ligt aan de bovenzijde. Net als die van een cracker of toastje.
Er staat geschreven: de Hemel is rond, de Aarde vierkant.

De Hemel rond de Aarde. De Japanse munt verbeeldt die kosmologische waarheid goed. In Nederland geven we dat iets anders vorm, maar ook hier een spel tussen rond en vierkant.
Wat je wilt, rond of vierkant, in ieder geval zoet.


Tian is het Chinese karakter voor ‘veld’, een geruit landschap.


Tijdens mijn rondgang in en om het huis kom ik de ruit tegen op de betegelde binnenplaats. (Aan de zijkant zie je nog net de weergekeerde paardenbloem.)
Een aardse ruit in de badkamer, en in de bakstenen buitenmuur.


Van de uit klei gevormde baksteen is het maar een kleine stap naar de vierkante, keramieke ovenschaal.
En van daar een volgende stap naar gemoedelijke, aardse rondheid.
Of toch maar weer terug naar het hoekige. Want zeg nou zelf, het vierkante is wel heel praktisch.
Mes en plank, plat, rond en vierkant.
Wordt morgen vervolgd …















